Historisch onderzoek naar Anna Timmerman

Op 1 april 2018 was het 180 jaar geleden dat Anna Timmerman introk in de gebouwen van Spermalie te Brugge.

Anne Timmerman is de eerste ‘doofblinde’ in Vlaanderen en West-Europa die een aangepaste opvoeding en onderwijs genoot in het instituut voor doven en blinden Spermalie te Brugge. De vzw Anna Timmerman is naar haar vernoemd.

Bernard Legrand, lange tijd bestuurslid van de Helen Keller club, deed historisch onderzoek en schreef zijn bevindingen neer in een artikel dat verscheen in het tijdschrift van familiekunde “De Vlaamse Stam”.

Dankzij Familiekunde Vlaanderen Regio Oostende kwamen we heel wat te weten over haar familie en de tijdsomstandigheden waarin ze haar jeugd doorbracht. Hieronder lees je een samenvatting van het artikel van Bernard Legrand.

De oprichter van K.I. Spermalie

Kanunnik Charles Carton stichtte in 1836 het Instituut voor doven en blinden te Brugge. In 1835 werd vastgesteld dat er in West Vlaanderen 3 doofblinden woonden. Anna Timmerman is er één van. Carton nam haar op in zijn instituut in 1838. “De tweede doofblinde is tegelijkertijd ‘idioot’ en de derde nog veel te jong.” aldus Carton.

Hij schreef verschillende artikels over zijn opvoedingsmethode, die hij bij de doofblinde Anna toepaste. In 1843 verscheen ook een boek: ‘Anna ou l’aveugle sourde-muette de l’institut des sourds-muets de Bruges’ (Anna, of de blinde doofstomme van het instituut van doofstommen in Brugge). Een exemplaar van het boek bevindt zich in het archief van de Zusters van de Kindsheid van Maria Ter Spermalie te Brugge.

In dit boek staat een afdruk van een pentekening van de 23-jarige Anna, die met de rechterhand een boekje leest.

Foto van Anna Timmerman
Anna Timmerman

Het levensverhaal van Anna Timmerman

Er is weinig bekend over de omgeving en de levensomstandigheden van Anna Timmerman. Charles Carton kende zelfs de juiste geboortedatum niet, noch de correcte schrijfwijze van haar familienaam. Volgens hem was Anna geboren rond het jaar 1818. Hij noemde haar steevast ‘Temmerman’. Tijdens de zoektocht naar haar afkomst en familie kon het volgende verhaal worden gereconstrueerd.

Jeugd

Anne Theresia Timmerman werd doofblind geboren in Oostende op 25 september 1816. Haar ouders zijn Franciscus Jacobus Timmerman en Theresia Josepha Declerck. Bij de geboorte van Anna waren ze iets minder dan 3 maand gehuwd: op 3 juli 1816. Ze is gedoopt op 26 september in de St.-Petrus en Pauluskerk (in die tijd de enige parochiekerk in Oostende).

Anna Timmerman werd geboren in een vissersfamilie. Haar ouders en grootouders waren vissers. Anna Timmerman groeide op in Oostende en ze was de oudste van 3 kinderen. Ze had nog een broer, Laurentius (1819) en een zus, Justina (1820). Haar broer overleed als baby van 6 weken oud.

Anna komt uit een familie die sterk verbonden is met de zee.
We zien dan ook dat deze mensen gemakkelijk verhuisden van de ene kustplaats naar de andere. We vinden dezelfde familienamen terug van Vlissingen (NL) tot Dunkerque (FR) en zelfs in Boulogne-sur-mer (FR).

Anna’s vader, Franciscus Timmerman, stierf op zee op 30 januari 1824. Hij was 33 jaar. Zijn overlijden werd genoteerd in de overlijdensregisters met een uittreksel uit het scheepsjournaal. Dit betekent dat Anna haar vader verloor op 8-jarige leeftijd.

Na de dood van haar man moest de moeder van Anna en Justina alleen instaan voor het levensonderhoud van haar kinderen. Wellicht was zij, samen met haar kinderen, bij haar moeder ingetrokken. De weduwen-vissersvrouwen leefden in armoedige omstandigheden.

Op 1 mei 1834 overleed ook Anna’s moeder, ze werd 38 jaar. Anna was bijna 18 jaar oud toen ze wees werd. Bij het overlijden van de moeder leefden enkel nog de grootmoeder en een tante aan moeders zijde. Als wees werden Anna en haar zus toegewezen aan hun grootmoeder door het ‘bestuur van Weldadigheyd’ van Oostende.  Voor Anna werd 10 frank en voor Justina 6,89 frank per maand betaald aan de grootmoeder voor het onderhoud van beide wezen. Dit werd beslist in de zitting van 7 mei 1834. Toen werd voor de eerste maal opgetekend dat Anna Timmerman doofblind was.

Anna Timmerman verhuist naar Spermalie

Kanunnik Charles Louis Carton  was sterk geïnteresseerd in doofblinden en wilde een opvoedingsexperiment opstarten. Hij was op de hoogte van het feit dat er in Oostende een doofblinde woonde en richtte daarom op 28 februari 1838 een schriftelijk verzoek aan de administratie van weldadigheid van de stad Oostende. Dit  voorstel werd in de zitting van 14 maart 1838 besproken en aanvaard.

Er moet een zekere weerstand geweest zijn bij de grootmoeder en de tante voor deze beslissing.  Op 16 maart 1838 schreef het bestuur van Weldadigheyd een brief naar Carton waarin vermeld werd dat er veel overredingskracht nodig was om deze mensen ervan te overtuigen dat dit voorstel geen ander doel had dan, voor zover mogelijk, de trieste toestand  van Anna Timmerman te verbeteren.

In dezelfde brief werd bevestigd dat Anna naar Brugge zou gebracht worden door een vertrouwenspersoon, samen met haar tante, zodat zij kennis kon maken met het instituut. Dit gebeurde tenslotte op 2 april 1838 (1 april was een zondag). Anna was 21 jaar toen ze naar Brugge verhuisde. Of ze op dat ogenblik besefte wat er met haar gebeurde, is zeer de vraag…

10 maanden na Anna’s officiële plaatsing in Brugge op 1 april overleed haar grootmoeder op 31 januari 1839.

Anna Timmerman overleed op 42-jarige leeftijd te Brugge op 26 september 1859 in het Instituut voor Doven en Blinden, dat gevestigd was langs de Spiegelrei. Ze bracht 21 jaar van haar leven door in Spermalie.

Het onderzoek

Veel archiefbronnen van Oostende zijn verloren  gegaan tijdens het bombardement door de Duitsers van 25 mei 1940. Toch kunnen we, dank zij andere bronnen zoals het OCMW archief, een en ander opnieuw reconstrueren. Bij uitbreidingswerken van het administratief gedeelte van het OCMW werden de zolders opgeruimd en dreigde het archief in de container te verzeilen. De registers en de ingangsbiljetten in het hospitaal werden door medewerkers van Familiekunde Vlaanderen Regio Oostende van de ondergang gered.

De families Timmerman en Declerck werden tijdens hun leven veelvuldig geconfronteerd met tegenslagen. Dit was schering en inslag in deze families, die nauw verbonden waren met de zee. Het leven was erg hard, de veiligheids- en gezondheidsnormen bijna onbestaande en ongelukken waren vlug gebeurd. Veel vissers overleden op zee. De vrouwen van zeelui hadden het dan ook heel zwaar om hun gezin staande te houden en leefden dikwijls in erbarmelijke omstandigheden.

We kunnen het ons niet voorstellen hoe Anna Timmerman haar leven in Oostende beleefde. Enerzijds zullen haar grootmoeder en haar tante haar met liefde omringd hebben en konden ze moeilijk afstand nemen van haar. Anderzijds misten zij de kennis en de mogelijkheden (tijd en geld) om Anna een ‘vlotter’ leven te geven. Ook kunnen we niet beseffen welke impact het tweede deel van haar leven in Brugge had op haar verdere leven. Bij opname was ze 21 jaar oud. Haar grootmoeder overleed 10 maanden na haar verhuis naar Brugge. Had ze nog veel contact met haar tante en haar zus Justine? Zij hadden ook hun eigen leven en zorgen.

Bekijk het volledige artikel in De Vlaamse Stam

Bronvermelding

Anna Timmerman, de doofblinde van het instituut voor doven en blinden te Brugge. Genealogische notities uit het OCMW-archief van Oostende in het West-Vlaams documentatiecentrum voor familiegeschiedenis te Oostende.
Auteur: Bernard Legrand.

Vlaamse Stam: Tijdschrift voor Familiegeschiedenis.
54ste jaargang. Nr. 2.  April-juni 2018.
p. 164 – 170.